Volgens Hof leidde uitsluitingsclausule tot een vergoeding op de gemeenschap
07-06-2010M en V waren gehuwd in gemeenschap van goederen. In hun echtscheidingsprocedure is onder meer een geschil over het geldbedrag dat M tijdens het huwelijk heeft geërfd onder een uitsluitingsclausule. Volgens M is dit geldbedrag geïnvesteerd in een gezamenlijke vakantiewoning zodat hij een vergoedingsrecht heeft op de huwelijksgoederengemeenschap. V betwist dat M een reprise heeft. V stelt dat het bedrag is opgegaan aan de aanschaf van een auto en caravan en dat er vermenging met de gemeenschap heeft plaatsgevonden.
De Rechtbank heeft geoordeeld dat M in beginsel recht heeft op teruggave van € 13.000.
In hoger beroep overweegt het Hof het volgende. De belangrijkste uitzonderingen op het hoofdstelsel dat de gemeenschap wat haar baten betreft alle tegenwoordige en toekomstige goederen van de echtgenoten omvat, vormen de erfrechtelijke verkrijgingen en giften onder een uitsluitingsclausule. Tussen partijen staat vast dat M in 1989 een bedrag van € 13.000 onder een uitsluitingsclausule heeft verkregen en dat dit bedrag op een gemeenschappelijke rekening van partijen is gestort en vervolgens is uitgegeven aan bestedingen ten gunste van de gemeenschap. Hieruit volgt dat het geërfde geld niet in het privé-vermogen van M is gevloeid dan wel nadien op naam van M afgezonderd is of is aangewend voor privé-schulden van M. Op grond van het vorenstaande heeft de Rechtbank terecht overwogen dat M in beginsel een vergoedingsrecht op de gemeenschap heeft ter hoogte van € 13.000.
Hof Den Haag 7 april 2010, nr 200.042.771 (LJN BM4387)
« Terug naar overzicht nieuws



